Samenvatting
Aanpakken als leidinggevende betekent dat je niet blijft hangen in goede bedoelingen, maar verbeterpunten tijdig bespreekbaar maakt. Niet hard. Niet bot. Niet autoritair. Wel eerlijk, duidelijk en concreet.
Veel leidinggevenden zien best wat er beter kan. Ze merken dat afspraken niet worden nagekomen. Ze voelen dat de samenwerking stroever loopt. Ze zien dat bepaalde teamleden afhaken, te weinig verantwoordelijkheid nemen of juist te veel op hun bord krijgen.
Maar zien is nog geen aanpakken.
En daar ontstaat vaak het probleem.
Want wat je niet bespreekt, verdwijnt meestal niet vanzelf. Het groeit. Een klein verbeterpunt wordt een patroon. Een patroon wordt frustratie. En frustratie wordt uiteindelijk een probleem dat veel meer energie kost dan nodig was geweest.
Binnen het IMPACT Leiderschapswiel hoort aanpakken bij de A: Aanpakken van verbeterpunten. Het is de stap waarin je van inzicht, teamontwikkeling en passie naar concreet gedrag gaat.
Passie geeft energie. Maar zonder aanpak blijft energie vrijblijvend.
Waarom aanpakken als leidinggevende zo belangrijk is
Leidinggeven is niet alleen inspireren, motiveren, luisteren en verbinden.
Dat hoort er allemaal bij.
Maar op een bepaald moment vraagt leiderschap ook dat je zegt:
“Dit gaat goed.”
“Dit kan beter.”
“Dit spreken we anders af.”
“Hier moeten we iets mee.”
“Dit gedrag helpt ons niet verder.”
Dat klinkt eenvoudig. Toch stellen veel leidinggevenden dit uit.
Niet omdat ze lui zijn. Niet omdat ze het niet zien. En meestal ook niet omdat ze het niet belangrijk vinden.
Ze stellen het uit omdat aanpakken ongemakkelijk voelt.
Je wilt de sfeer niet verpesten.
Je wilt de relatie niet beschadigen.
Je wilt niet te streng overkomen.
Je wilt iemand niet ontmoedigen.
Je hoopt dat het vanzelf beter wordt.
Je denkt: ik kijk het nog even aan.
Alleen is “nog even aankijken” vaak geen neutrale keuze.
Het is ook leiderschapsgedrag.
En je team voelt dat.
Wanneer verbeterpunten niet worden aangepakt, ontstaat er onduidelijkheid. Mensen gaan zelf invullen wat wel en niet acceptabel is. De ene medewerker neemt meer verantwoordelijkheid dan de andere. De lat zakt langzaam. Goede medewerkers raken gefrustreerd. En uiteindelijk wordt het moeilijker om alsnog bij te sturen.
Aanpakken als leidinggevende is daarom geen harde vaardigheid tegenover de menselijke kant van leiderschap.
Het is juist een vorm van zorgvuldigheid.
Je neemt jezelf serieus.
Je neemt je team serieus.
Je neemt het resultaat serieus.
En je neemt de persoon tegenover je serieus genoeg om eerlijk te zijn.
Aanpakken is niet hetzelfde als controleren
Een veelvoorkomend misverstand is dat aanpakken betekent dat je overal bovenop moet zitten.
Dat is niet zo.
Aanpakken is iets anders dan controleren.
Controleren gaat vaak over wantrouwen. Je kijkt of iemand het wel goed doet. Je grijpt in omdat je bang bent dat het misgaat. Je blijft trekken, duwen en corrigeren.
Aanpakken gaat over verantwoordelijkheid. Je ziet wat er gebeurt, je maakt het bespreekbaar en je helpt het team een volgende stap te zetten.
Het verschil zit in je houding.
Bij controleren zeg je eigenlijk:
“Ik vertrouw niet dat jij dit goed doet.”
Bij aanpakken zeg je:
“Dit vraagt aandacht, dus laten we er samen naar kijken.”
Dat is een wezenlijk verschil.
Een leidinggevende die goed aanpakt, hoeft niet voortdurend te controleren. Juist omdat hij of zij helder is over verwachtingen, gedrag, afspraken en consequenties.
Daarmee ontstaat rust.
Niet omdat alles perfect loopt.
Maar omdat iedereen weet waar hij aan toe is.
Waarom veel leidinggevenden verbeterpunten laten liggen
Veel verbeterpunten blijven niet liggen omdat ze ingewikkeld zijn. Ze blijven liggen omdat ze spanning oproepen.
Denk aan situaties als:
- een medewerker die structureel te laat komt;
- een teamlid dat afspraken niet nakomt;
- iemand die veel klaagt maar weinig bijdraagt;
- twee collega’s die elkaar vermijden;
- een team dat steeds dezelfde fouten maakt;
- een project dat telkens uitloopt;
- een medewerker die inhoudelijk goed is, maar de sfeer negatief beïnvloedt;
- een vergadering waarin veel wordt gepraat, maar weinig wordt besloten.
De meeste leidinggevenden zien dit wel.
Maar tussen zien en bespreken zit een drempel.
Die drempel bestaat vaak uit gedachten als:
“Misschien valt het wel mee.”
“Misschien ben ik te streng.”
“Misschien heeft hij het al moeilijk genoeg.”
“Misschien lost het zich vanzelf op.”
“Misschien krijg ik weerstand.”
“Misschien beschadig ik de relatie.”
Die gedachten zijn begrijpelijk. Maar ze helpen niet altijd.
Want ondertussen ziet de rest van het team ook wat er gebeurt.
Sterker nog: medewerkers wachten vaak op jou.
Niet omdat jij alles moet oplossen. Maar omdat jij als leidinggevende mede bepaalt wat normaal wordt in het team.
Als ongewenst gedrag te lang blijft liggen, wordt het onderdeel van de cultuur.
Niet officieel. Maar wel praktisch.
Iedereen voelt: blijkbaar mag dit hier.
Wat gebeurt er als je niet aanpakt?
Niet aanpakken lijkt soms vriendelijk. In werkelijkheid kan het behoorlijk onvriendelijk uitpakken.
Voor de medewerker zelf, omdat hij geen eerlijke feedback krijgt en dus niet weet wat er beter moet.
Voor het team, omdat anderen de gevolgen dragen van wat niet wordt besproken.
Voor jou als leidinggevende, omdat je steeds meer energie kwijt bent aan het managen van gedoe dat eerder bespreekbaar had kunnen zijn.
En voor de organisatie, omdat problemen zich opstapelen.
Wat je niet aanpakt, verdwijnt zelden vanzelf.
Een onduidelijke afspraak wordt een terugkerende irritatie.
Een kleine spanning wordt een conflict.
Een gemiste deadline wordt een gewoonte.
Een lage standaard wordt de nieuwe norm.
Een niet gevoerd gesprek wordt een groter gesprek later.
Daarom is aanpakken geen luxe.
Het is onderhoud.
Net zoals je een fiets, auto of machine onderhoudt voordat die stukloopt, onderhoud je als leidinggevende de samenwerking, afspraken en kwaliteit in je team.
Wachten tot iets kapot is, is meestal duurder.
Ook in leiderschap.
Aanpakken begint bij waarnemen
Je kunt pas aanpakken wat je durft te zien.
Dat klinkt logisch, maar veel leidinggevenden zijn zo druk dat ze vooral reageren op wat urgent is. Ze zien de deadline, het overleg, de klantvraag en het probleem van vandaag.
Maar de onderliggende patronen blijven soms buiten beeld.
Daarom begint aanpakken met bewust waarnemen.
Niet meteen oordelen.
Niet meteen oplossen.
Niet meteen ingrijpen.
Eerst kijken.
Wat gebeurt hier eigenlijk?
Welke afspraak wordt steeds niet nagekomen?
Welk gedrag zie ik vaker terug?
Waar klaagt het team over, maar zonder het echt te bespreken?
Waar lopen we steeds op vast?
Welke medewerker trekt te veel naar zich toe?
Wie haakt af?
Welke spanning wordt vermeden?
Welke standaard zijn we normaal gaan vinden, terwijl die eigenlijk niet klopt?
Aanpakken begint dus niet met een grote interventie. Het begint met eerlijk kijken.
Daarna komt de vraag:
Wat vraagt dit nu van mij als leidinggevende?
De drie niveaus van aanpakken
Niet elk verbeterpunt vraagt dezelfde aanpak. Soms is een korte opmerking genoeg. Soms is een goed gesprek nodig. Soms moet je een patroon doorbreken.
Je kunt daarom kijken naar drie niveaus.
1. Het praktische niveau
Dit gaat over afspraken, taken, deadlines, rollen en verwachtingen.
Voorbeelden:
“Wie pakt dit op?”
“Wanneer is dit klaar?”
“Wat spreken we precies af?”
“Wie beslist hierover?”
“Wat betekent ‘af’ in dit geval?”
Veel frustratie ontstaat doordat praktische zaken niet concreet genoeg zijn gemaakt.
Dan denkt de ene medewerker dat iets vrijdag klaar moet zijn, terwijl de ander dacht: ergens volgende week.
De ene denkt dat hij eigenaar is van een taak, terwijl de ander dacht dat jij het nog zou opvolgen.
Aanpakken op praktisch niveau betekent: maak het helder.
Niet ingewikkelder dan nodig.
Gewoon duidelijk.
2. Het gedragsniveau
Dit gaat over zichtbaar gedrag dat het werk of de samenwerking beïnvloedt.
Voorbeelden:
“Ik merk dat je in vergaderingen vaak kritisch reageert, maar weinig alternatieven aandraagt.”
“Ik zie dat je afspraken regelmatig later oplevert dan afgesproken.”
“Ik merk dat je veel één-op-één bespreekt, maar weinig in het teamoverleg inbrengt.”
Hier wordt aanpakken spannender, omdat het dichter bij de persoon komt.
Toch blijft het belangrijk om bij gedrag te blijven. Niet: “Jij bent ongemotiveerd.” Maar: “Ik merk dat je de laatste weken stiller bent in het overleg en minder initiatief neemt. Klopt dat?”
Gedrag kun je bespreken. Karakteroordelen meestal niet.
3. Het patroonniveau
Dit gaat over terugkerende dynamiek in het team.
Voorbeelden:
“We lossen steeds brandjes op, maar leren te weinig van wat er misgaat.”
“We praten veel over eigenaarschap, maar wachten toch telkens op goedkeuring.”
“We zeggen dat samenwerking belangrijk is, maar iedereen blijft vooral op zijn eigen eiland.”
Patronen aanpakken vraagt meer dan één gesprek.
Hier gaat het niet alleen om één persoon of één afspraak. Hier gaat het om hoe het team samen functioneert.
Als leidinggevende heb je dan de taak om het patroon zichtbaar te maken.
Niet beschuldigend, maar onderzoekend.
“Volgens mij gebeurt hier iets wat we vaker doen. Zullen we daar eens eerlijk naar kijken?”
Dat is vaak het begin van echte verbetering.
Aanpakken is communicatie
Binnen de A van het IMPACT Leiderschapswiel staat communicatie centraal.
Dat is logisch.
Je kunt niets aanpakken zonder communicatie.
Verbeteren vraagt dat je woorden geeft aan wat je ziet. Dat je verwachtingen uitspreekt. Dat je vragen stelt. Dat je feedback geeft. Dat je checkt of jullie hetzelfde bedoelen. Dat je durft te benoemen wat anderen misschien liever vermijden.
Veel leidinggevenden zoeken naar de perfecte formulering.
Die bestaat meestal niet.
Wat wel helpt, is een eenvoudige structuur:
- Benoem wat je ziet.
- Vertel waarom het belangrijk is.
- Vraag naar het perspectief van de ander.
- Maak concreet wat er nodig is.
- Spreek een vervolgstap af.
Bijvoorbeeld:
“Ik merk dat de laatste drie deadlines zijn verschoven. Dat heeft gevolgen voor de rest van het team, omdat anderen daardoor moeten wachten. Hoe kijk jij daar zelf naar?”
Daarna luister je.
Niet om je punt af te zwakken. Maar om het beeld compleet te krijgen.
Vervolgens maak je het concreet:
“Wat heb jij nodig om de volgende deadline wel te halen?”
Of:
“Wat moeten we anders afspreken zodat dit niet opnieuw gebeurt?”
Of:
“Wanneer spreken we elkaar hierover weer?”
Zo wordt aanpakken geen aanval, maar een volwassen gesprek.
Durven doorpakken zonder hard te worden
Veel leidinggevenden verwarren duidelijkheid met hardheid.
Ze denken dat ze moeten kiezen:
Of ik ben duidelijk.
Of ik blijf aardig.
Maar dat is een valse tegenstelling.
Je kunt vriendelijk zijn én duidelijk.
Je kunt begrip tonen én grenzen stellen.
Je kunt luisteren én vasthouden aan de afspraak.
Je kunt iemand respectvol behandelen én zeggen dat iets niet goed genoeg is.
Sterker nog: die combinatie maakt leiderschap krachtig.
Hardheid ontstaat vaak wanneer je te lang wacht. Dan stapelt irritatie zich op. Dan wordt een gesprek zwaarder dan nodig. Dan klinkt je toon scherper. Dan voelt de ander dat er onderhuids al veel speelt.
Tijdig aanpakken voorkomt dat.
Hoe eerder je iets bespreekt, hoe kleiner je het kunt houden.
Een zin als “Ik merk iets op, zullen we daar even naar kijken?” is veel lichter dan een gesprek na drie maanden frustratie.
Daarom is aanpakken ook preventief.
Je voorkomt dat iets onnodig groot wordt.
Aanpakken vraagt ook zelfkennis
Aanpakken begint niet alleen bij de ander. Het begint ook bij jezelf.
Want voordat je iets bespreekt, is het waardevol om jezelf een paar vragen te stellen:
Wat raakt mij hier precies?
Gaat dit echt over het teamresultaat, of vooral over mijn persoonlijke irritatie?
Heb ik mijn verwachtingen eerder helder uitgesproken?
Heb ik zelf bijgedragen aan de onduidelijkheid?
Vermijd ik dit gesprek omdat het niet belangrijk is, of omdat ik het spannend vind?
Wat wil ik bereiken met dit gesprek?
Die vragen maken je scherper.
Niet om jezelf onderuit te halen. Maar om congruent te blijven.
Als jij van binnen geïrriteerd bent, maar naar buiten doet alsof je alleen “even iets wilt checken”, voelt de ander dat meestal. Als jij zegt dat je open het gesprek ingaat, maar eigenlijk je oordeel al klaar hebt, voelt de ander dat ook.
Zelfkennis helpt je om zuiverder aan te pakken.
Je weet beter wat van jou is.
Je weet beter wat van de situatie is.
En je weet beter wat het team nu nodig heeft.
Daarom hangt de A altijd samen met de I uit het IMPACT Leiderschapswiel: Ik weet wat ik wil.
Je kunt pas helder aanpakken als je zelf helder bent.
Van passie naar aanpakken
Het vorige artikel in deze serie ging over passie op de werkvloer.
Passie is belangrijk. Het geeft energie, betrokkenheid en richting. Mensen die met passie werken, brengen meer van zichzelf mee. Ze denken mee, nemen initiatief en voelen zich verbonden met het grotere geheel.
Maar passie alleen is niet genoeg.
Passie zonder aanpak kan alle kanten op vliegen.
Dan ontstaan er veel ideeën, maar weinig uitvoering. Veel enthousiasme, maar weinig focus. Veel beweging, maar weinig resultaat.
Daarom volgt na de P de A.
Na passie komt aanpakken.
Niet om de energie dood te slaan, maar om die energie richting te geven.
Een gepassioneerd team heeft nog steeds duidelijke afspraken nodig. Een enthousiast team moet nog steeds feedback kunnen ontvangen. Een betrokken team moet nog steeds leren van fouten. Een energiek team moet nog steeds durven kijken naar wat beter kan.
Juist daar zit de kracht.
Passie geeft brandstof. Aanpakken zorgt dat die brandstof wordt omgezet in vooruitgang.
Aanpakken binnen het IMPACT Leiderschapswiel
Binnen het IMPACT Leiderschapswiel staat de A voor: Aanpakken van verbeterpunten.
Dat is de stap waarin leiderschap concreet wordt.
De I geeft richting: ik weet wat ik wil.
De M bouwt aan het team: mijn team is er klaar voor.
De P brengt energie: passie drijft mijn organisatie.
De A zorgt dat je niet blijft hangen in plannen, goede sfeer of enthousiasme.
Je gaat doen.
Je kijkt wat werkt.
Je ziet wat niet werkt.
Je stuurt bij.
Je bespreekt.
Je verbetert.
Je leert.
Daarom past bij de A ook de uitspraak: al doende leert men.
Want je leert niet alleen door na te denken over leiderschap. Je leert door leiding te geven. Door gesprekken te voeren. Door afspraken te maken. Door fouten te herstellen. Door feedback te vragen. Door opnieuw te proberen.
Aanpakken is dus geen eenmalige actie.
Het is een leiderschapsgewoonte.
Praktische oefening: de aanpakscan
Wil je weten waar jij als leidinggevende iets te lang laat liggen? Gebruik dan deze aanpakscan.
Neem tien minuten en beantwoord eerlijk deze vragen:
- Welk verbeterpunt in mijn team zie ik al langer, maar heb ik nog niet besproken?
- Wat kost het ons als dit zo blijft?
- Wie heeft hier last van?
- Welke afspraak is onduidelijk?
- Welk gedrag wil ik concreet bespreekbaar maken?
- Wat heb ik zelf nog niet helder uitgesproken?
- Welk gesprek stel ik uit?
- Wat is de kleinste eerste stap die ik deze week kan zetten?
Kies daarna één punt.
Niet vijf. Niet alles tegelijk.
Eén punt.
En maak het concreet:
Met wie moet ik spreken?
Wat wil ik benoemen?
Welke vraag wil ik stellen?
Welke afspraak wil ik maken?
Wanneer doe ik dit?
Aanpakken begint vaak kleiner dan je denkt.
Maar het vraagt wel dat je begint.
Veelgemaakte fouten bij aanpakken
1. Te lang wachten
Dit is de grootste fout. Hoe langer je wacht, hoe groter het gesprek wordt. Bespreek verbeterpunten daarom vroeg, concreet en rustig.
2. Te vaag blijven
Zinnen als “je moet wat proactiever zijn” of “het moet professioneler” klinken duidelijk, maar zijn dat vaak niet. Benoem concreet gedrag.
Wat zie je?
Wat is het effect?
Wat verwacht je anders?
3. Alleen praten als er iets misgaat
Als medewerkers alleen feedback krijgen bij problemen, wordt elk gesprek spannend. Maak bespreken normaal. Ook als iets goed gaat.
4. De oplossing te snel overnemen
Aanpakken betekent niet dat jij alles moet oplossen. Stel vragen die eigenaarschap versterken.
“Wat stel jij voor?”
“Welke keuze ga jij maken?”
“Wat heb jij nodig om dit op te pakken?”
5. Geen opvolging geven
Een goed gesprek zonder opvolging verliest kracht. Kom terug op wat is afgesproken. Niet als controleur, maar als leider die afspraken serieus neemt.
Voorbeelden van aanpakken in de praktijk
Voorbeeld 1: een afspraak wordt niet nagekomen
Niet:
“Je komt je afspraken nooit na.”
Wel:
“We hadden afgesproken dat dit vrijdag klaar zou zijn. Het is nu dinsdag en ik heb nog niets gezien. Wat is er gebeurd en wat spreken we af om dit op te lossen?”
Voorbeeld 2: iemand beïnvloedt de sfeer negatief
Niet:
“Je bent altijd zo negatief.”
Wel:
“Ik merk dat je in de laatste overleggen vooral benoemt wat niet kan. Kritisch meedenken is waardevol, maar het helpt het team ook als je alternatieven inbrengt. Hoe zie jij dat zelf?”
Voorbeeld 3: het team blijft hangen in praten
Niet:
“We praten te veel.”
Wel:
“Ik merk dat we veel analyseren, maar weinig besluiten nemen. Laten we vandaag eindigen met drie concrete acties, een eigenaar per actie en een datum.”
Voorbeeld 4: eigenaarschap blijft uit
Niet:
“Jullie moeten meer verantwoordelijkheid nemen.”
Wel:
“Ik merk dat veel beslissingen bij mij terugkomen. Ik wil dat we scherper maken welke beslissingen jullie zelf kunnen nemen. Waar hebben jullie nog duidelijkheid over nodig?”
In al deze voorbeelden is de toon niet hard. Maar wel helder.
Dat is aanpakken.
Conclusie
Aanpakken als leidinggevende is niet hetzelfde als streng zijn, controleren of alles naar je toe trekken.
Aanpakken betekent dat je ziet wat beter kan en daar verantwoordelijkheid voor neemt.
Je maakt bespreekbaar wat anders onder de oppervlakte blijft. Je voorkomt dat kleine verbeterpunten grote problemen worden. Je helpt medewerkers groeien door eerlijk te zijn. En je geeft het team duidelijkheid over wat wel en niet bijdraagt aan het gezamenlijke resultaat.
Binnen het IMPACT Leiderschapswiel is de A onmisbaar.
Zonder aanpak blijven inzicht, teamontwikkeling en passie mooie intenties.
Met aanpak worden ze zichtbaar in gedrag.
En precies daar begint verbetering.
Niet bij harder werken.
Niet bij nog een plan.
Niet bij wachten tot iedereen vanzelf verandert.
Maar bij durven benoemen wat nodig is.
Veelgestelde vragen over aanpakken als leidinggevende
Wat betekent aanpakken als leidinggevende?
Aanpakken als leidinggevende betekent dat je verbeterpunten tijdig ziet, bespreekbaar maakt en omzet in concrete afspraken of acties. Het gaat om helder communiceren, verantwoordelijkheid nemen en bijsturen waar nodig.
Is aanpakken hetzelfde als streng zijn?
Nee. Aanpakken hoeft niet hard of autoritair te zijn. Je kunt vriendelijk, respectvol en duidelijk tegelijk zijn. Juist tijdig aanpakken voorkomt dat gesprekken later zwaarder of scherper worden.
Hoe bespreek je verbeterpunten met een medewerker?
Benoem concreet wat je ziet, leg uit waarom het belangrijk is, vraag naar het perspectief van de medewerker en maak daarna een duidelijke vervolgafspraak. Blijf bij gedrag en vermijd karakteroordelen.
Waarom stellen leidinggevenden moeilijke gesprekken uit?
Vaak omdat ze bang zijn voor spanning, weerstand of beschadiging van de relatie. Toch wordt uitstel meestal duurder. Wat niet wordt besproken, groeit vaak uit tot een groter probleem.
Hoe pak je verbeterpunten aan zonder te micromanagen?
Door duidelijke verwachtingen en kaders te geven, maar de verantwoordelijkheid niet over te nemen. Stel vragen als: “Wat stel jij voor?” en “Wat heb jij nodig om dit op te pakken?”
Hoe past aanpakken binnen het IMPACT Leiderschapswiel?
Aanpakken hoort bij de A van IMPACT: Aanpakken van verbeterpunten. Het is de stap waarin je van inzicht, teamontwikkeling en passie naar concreet verbeteren gaat.
Wil je scherper zien wat jij als leidinggevende nu moet aanpakken?
Misschien weet je al langer dat er iets speelt in je team.
Een afspraak die blijft schuiven.
Een gesprek dat je uitstelt.
Een patroon dat steeds terugkomt.
Een verbeterpunt dat te lang blijft liggen.
In een Leiderschap Boost Gesprek kijkt Benedict Bailleul met je mee naar jouw situatie, jouw team en jouw volgende stap.
Niet theoretisch. Wel praktisch, eerlijk en gericht op actie.
Lees ook
- Wat is leidinggeven met impact? De 6 stappen van de IMPACT-methode
- Je team klaarstomen: hoe je van een groep collega’s een echt team maakt
- Waarom ‘aandacht geven’ de meest onderschatte leiderschapsvaardigheid is
- Zelfkennis als leidinggevende: waarom leiderschap begint bij “ik weet wat ik wil”
- Moeilijke gesprekken als leidinggevende: waarom uitstel je grootste vijand is
- Coachend leiderschap: waarom alleen vragen stellen niet genoeg is
